Samenwerking met Oerol

Geplaatst op: 30 januari 2026

Vier handen op één buik (Bron: Stadsschouwburg de Harmonie Magazine)

Twee noordelijke festivals op zo’n dichte afstand van elkaar vragen om samenwerking. Dat gaat komend jaar gebeuren: Oerol en het Fries Straat Festival gaan samen programmeren. “Hier worden we alleen maar blij van!”

Wie het Oerol Festival op Terschelling een beetje kent, denkt niet alleen aan grote voorstellingen in de duinen en bossen, maar ook – en misschien wel vooral – aan straattheater in de dorpen en op de haven. Die groepen, sommigen uit het buitenland, kwamen tot nog toe vaak exclusief naar het eiland. Maar hoe mooi zou het zijn wanneer zij daarvoor ook in Leeuwarden, op het jaarlijkse straattheaterfestival vroeg in de zomer, acte de présence kunnen geven? Twee podia, zo vlak bij elkaar – waarom niet?

Andersom geldt precies hetzelfde. Acts die het Fries Straat Festival (FSF) programmeert, kunnen nog een tweede keer op het eiland spelen. Dat is hartstikke aantrekkelijk voor de artiesten, zegt Léonie Dijkema, programmeur en artistiek leider van het FSF, maar ook inhoudelijk interessant. Wat doet een voorstelling in een stedelijke omgeving en wat gebeurt er wanneer die productie naar een meer landelijke omgeving wordt verplaatst? Welke aanpassingen zijn er nodig, hoe verandert de sfeer? Daarnaast past deze nieuwe synergie goed binnen het streven naar duurzaamheid.

Hetzelfde DNA

Beide festivals, zegt Sabine Pater, artistiek directeur van Oerol, hebben een lange geschiedenis en delen een grote kracht – om niet te zeggen: er is een overlap in cultureel DNA. “We hebben elkaar nu echt gevonden. We gaan samen voorstellingen naar het Noorden halen, we gaan samen een impuls geven aan talentontwikkeling en samenwerken met regionale kunstopleidingen. Door onze krachten te bundelen, kan verdieping plaatsvinden.”

Oerol en het FSF (dat onder de paraplu van Stadsschouwburg De Harmonie valt) zoeken beide voortdurend naar nieuwe en eigentijdse vormen van straattheater. Sabine: “Wat is straattheater in de publieke ruimte anno nu? Dat is een permanente zoektocht.” Léonie: “Dat is voor ons net zo.” Zij spreekt liever over ‘buitentheater’ – de acts zijn immers minivoorstellingen die in de openlucht overeind blijven.

Meerstemmig en noordelijk

Een aantal gezelschappen die op Terschelling in residentie zijn, kan eenvoudig ook in Leeuwarden optreden. (Internationale) voorstellingen die bijvoorbeeld in Leeuwarden samen met studenten van Firda of de Jeugd Dansopleiding Friesland zijn gemaakt, krijgen de kans om zich op Oerol te tonen. Sabine: “Het gaat ons om worteling, om de stem van noorderlingen te laten klinken, om representatie en meerstemmigheid.”

Dit betekent dat het straatfestival in 2026 een week verschuift: van eind mei naar begin juni, dichter op het Oerol Festival. Er zit dan een week tussen beide festivals, een periode die Sabine ‘de tussenruimte’ noemt: een fase waarin wordt uitgewisseld en waarin verdere verdieping plaatsvindt.

Léonie: “We liepen al zó lang rond met het idee om met Oerol samen te werken, het ligt eigenlijk ontzettend voor de hand. Nu is het zover, het is de tijd van: YES! Hier worden we alleen maar blij van.” Ambitie blijft er altijd. Zo droomt ze ervan dat straattheater een rol krijgt binnen kunstopleidingen, zoals dat in Frankrijk gebeurt. “Hier hebben we alleen circusopleidingen. Daar is nog een mooie stap te zetten.”

Bekijk ook eens

To top